Bijna een derde van de Nederlandse werknemers heeft klachten aan nek, schouders of rug door het werk, blijkt uit de Arbobalans 2023 van TNO. De meeste van hen zeggen dat hun werkplek “prima” is. Dat oordeel klopt, maar alleen omdat ze geen referentiepunt hebben om het te beoordelen.
De mythe van het gezonde gevoel
Een medewerker die al drie jaar op dezelfde stoel zit, heeft die opstelling geïnternaliseerd als normaal. Normaal is niet hetzelfde als goed. Het lichaam past zich aan een verkeerde houding aan, compenseert waar nodig, en geeft pas een signaal als de compensatiereserve is uitgeput.
Op dat moment is er al schade opgetreden die weken of maanden in de maak was. Een werkplekonderzoek grijpt in voor dat omslagpunt, niet erna.
Vier maten die medewerkers zelf nooit nemen
Een werkplekonderzoek (WPO) van The Septer meet vier factoren die zelfinschatting structureel mist.
Stoelhoogte in relatie tot onderarmlengte. De meeste medewerkers stellen hun stoel in op wat prettig voelt voor hun benen. Het Arbobesluit art. 5.4 vereist dat de werkhoogte is afgestemd op de onderarmlengte van de individuele medewerker. Een stoel die twee centimeter te laag staat, zorgt voor een opgetrokken schouder gedurende de hele werkdag.
Beeldschermhoogte. Volgens NEN 1729 hoort de bovenrand van het beeldscherm op ooghoogte of maximaal vijf centimeter daaronder. Bij de meeste thuiswerkers staat het scherm te laag, zeker als ze met een laptop werken zonder externe monitor. Een scherm dat acht centimeter te laag staat verhoogt de belasting op de nekspieren aanzienlijk. Een laptopstandaard lost dit direct op, maar alleen als iemand weet dat het probleem bestaat.
Muispositie ten opzichte van het toetsenbord. Een muis die vijf centimeter verder naar rechts ligt dan ergonomisch verantwoord is, levert een buitenwaartse draaibeweging op die vijfhonderd tot duizend keer per dag wordt herhaald. Over maanden accumuleert dat tot klachten aan pols, elleboog of schouder.
Lichtinval op het beeldscherm. Reflecties en onvoldoende contrast versnellen vermoeidheidsklachten aan ogen en nek, ook als de medewerker zelf geen verband legt. Dit is een factor die zelden in zelfinschatting voorkomt, maar in een WPO altijd wordt gecontroleerd.
Wat het rapport concreet oplevert
Een WPO van The Septer levert een schriftelijk rapport op met een meting aan de NEN 1729-norm, een geprioriteerde lijst van aanpassingen, en een mondelinge toelichting aan de medewerker. Het rapport gaat in het personeelsdossier en is een aantoonbare maatregel bij een RI&E-audit of aansprakelijkheidsclaim.
De Rijksoverheid verplicht werkgevers een RI&E op te stellen die ook beeldschermwerkplekken omvat. Een WPO-rapport van The Septer voldoet aan die verplichting en levert dossiervorming die standhoudt.
Het gat tussen klachten en actie
Klachten die niet worden herkend, worden niet gemeld. Klachten die niet worden gemeld, worden niet aangepakt. Dat is geen onwil, dat is een informatieprobleem. Medewerkers missen het referentiepunt om te weten dat hun werkplek bijdraagt aan hun klachten.
Verzuim dat voorkomen had kunnen worden kost gemiddeld 250 tot 400 euro per dag per medewerker, zo blijkt uit NEA-data van het CBS. Een werkplekonderzoek sluit dat gat door feiten te leveren waar gevoel tekortschiet.
Wil je weten hoe dit er bij jouw organisatie uitziet? Plan een gratis werkplekgesprek met Max.
